vrijdag 7 augustus 2015
maar wat mij betreft...
Het geloof in de HEER, God van Abraham, Izak en Jakob is zowel iets persoonlijks als iets gemeenschappelijks. We kunnen een persoonlijke relatie hebben met de HEER, met Vader.
We kunnen ook een gemeenschappelijke band, verbondenheid, hebben met de Koning van hemel en aarde. Meestal gaat dat via een gemeenschappelijke groep of gemeente, een kring of zoals hier, bij Facebook. Je deelt je geloof, je interesse, je bouwt elkaar op. Je stimuleert elkaar en motiveert elkaar.
Je montert elkaar op. Troost elkaar en bemoedigt elkaar. Je bidt voor elkaar en zegent elkaar. Dat is feitelijk elkaar respecteren, meer nog: elkaar liefhebben. En als je de ander niet lief hebt, dan zondig je. Dan doe je niet wat de HEER van je vraagt. Mosjee, Yeshua en Sa'ul (Mozes, Jezus, Paulus) gaven dat alle drie heel goed aan. In de Thora, in het zogenaamde nieuwe gebod van Yeshua en wanneer Paulus het heeft over de vruchten van de Geest, de Ruach Ha Kodesh.
Dat geldt niet alleen voor ons in het Christelijk Westen. In het eerste verbondsboek van de bijbel vind je dat ook terug. Gebed voor het volk, voor elkaar. Veelal uitgesproken door priesters of profeten. De Koning werd gezegend en voor hem werd gebeden. Hij streed immers voor zijn volk?! De Koning van hemel en aarde was tot een voorbeeld voor de wereldse koning. God zou nooit zijn volk verlaten. God werd gebeden. Om bescherming, om verlossing, voor zegen. Voor een goede oogst, voor een prima wijngaard, voor kinderen, voor vrede met andere mensen en volken. Het volk kreeg ook de zegen mee. Samuel zou niet zondigen. Hij zou niet stoppen met het bidden, met het gebed voor het volk Israël (1 Sam.12:23).
Maar wat mij betreft, ik blijf bidden voor Gods volk en Gods land Israël.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten